Activiteit voor kleuters organiseren

Ik maak een boodschappenlijstje voor een gezonde snack. (ZOWE 20)

Ik bereid een gezonde snack voor een kleuter. (ZOWE 22)

Ik observeer het gedrag van kleuters (en pas mijn activiteit aan). (ZOWE 30)

Ik pas mijn gedrag en houding aan de doelgroep (kleuters). (ZOWE 32)

Ik begeleid een sportieve spelactiviteit bij kleuters. (ZOWE 34)

Ik maak een boodschappenlijstje voor een gezonde snack (ZOWE 20).
Herpak je!

Ik hou geen rekening met het budget en ik bestel niet alle ingrediënten.

Tandje bijsteken!

Ik hou geen rekening met het budget maar ik bestel niet alle ingrediënten.

Goed gedaan!

Ik hou rekening met het budget en ik bestel alle ingrediënten.

Heel knap!

Ik hou rekening met het budget, bestel alle ingrediënten op tijd én maak hiermee een gezonde snack.

Ik bereid een gezonde snack voor een kleuter. (ZOWE 22)
Herpak je!

Mijn snack is niet goed van smaak.

Tandje bijsteken!

Mijn snack is goed van smaak, maar is niet mooi gepresenteerd.

Goed gedaan!

Mijn snack voldoet aan alle criteria.

Heel knap!

Ik besteed extra aandacht aan presentatie en/of smaak, waardoor de bereiding verrast.

Ik observeer het gedrag van kleuters (en pas mijn activiteit aan). (ZOWE 30)
Herpak je!

Ik begrijp de opdracht niet. Hierdoor heb ik weinig/geen informatie.

Tandje bijsteken!

Ik heb de kleuter maar beperkt geobserveerd. Ik kan niet op alle vragen een antwoord geven.

Goed gedaan!

Ik heb de ingesteldheid, algemene sociale ontwikkeling en de motorische ontwikkeling van de kleuter geobserveerd.  De activiteit hieraan aanpassen vind ik nog moeilijk.

Heel knap!

Ik kan de kleuter goed observeren. Ik kan nu een duidelijk aangepaste activiteit organiseren

Ik pas mijn gedrag en houding aan de doelgroep (kleuters). (ZOWE 32)
Herpak je!

Ik vind het moeilijk om op het niveau van de kleuters te praten/handelen.

Tandje bijsteken!

Mijn uitleg is te moeilijk. Na mijn demonstratie begrijpen sommige kleuters wat ik bedoel.

Goed gedaan!

Terwijl ik mijn uitleg doe, laat ik ook zíen hoe het moet. De kleuters begrijpen me en starten hun spel.

Heel knap!

Na mijn uitleg en demonstratie kunnen de kleuters starten. Ik moedig hen verder aan en stuur bij waar nodig.

Ik begeleid een sportieve spelactiviteit bij kleuters. (ZOWE 34)
Herpak je!

Ik ben weinig enthousiast, wel terughoudend. Dit ligt me niet.

Tandje bijsteken!

Ik ben enthousiast maar te snel/te overweldigend voor de kleuters: een rustige uitleg was beter geweest.

Goed gedaan!

Door mijn enthousiasme waren de kleuters helemaal mee. Af en toe was er chaos omwille van té enthousiast gedrag.

Heel knap!

De activiteit verliep vlot, enthousiast en gestructureerd. Ik had een goed controle over het geheel.