Discuswerpen
Rubric voor discuswerpen BSM havo 4
Veiligheid
Onvoldoende

De leerling werpt de discus zonder op zijn/haar omgeving te letten. 

Voldoende

De leerling werpt de discus waarbij deze oog heeft voor zijn/haar omgeving en houdt zich hierbij aan de veiligheidsinstructies.

Goed

De leerling werpt de discus waarbij deze oog heeft voor zijn/haar omgeving en houdt zich hierbij aan de veiligheidsinstructies en heeft oog voor de veiligheid van andere deelnemers tijdens de les.

Uitstekend

De leerling werpt de discus waarbij deze oog heeft voor zijn/haar omgeving en houdt zich hierbij aan de veiligheidsinstructies, heeft oog voor de veiligheid van andere deelnemers tijdens de les en coacht medeleerlingen hierin. 

Vooractie
Onvoldoende

De leerling maakt geen snelheid in de vooractie. 

Voldoende

De leerling maakt snelheid in de vooractie, door uit stand te werpen of een halve draai te maken. 

Goed

De leerling maakt veel snelheid in de vooractie door uit halve of hele draai te werpen. De laatste pas blokkeert, de leerling blijft in de werpzone. 

Uitstekend

De leerling maakt veel snelheid in de vooractie door uit halve, hele draai/omsprong te werpen waarbij alle snelheid mee wordt gegeven aan de discus door een blokkerende pas. De leerling blijft in de werpzone.

Worp
Onvoldoende

De werparm is horizontaal, er is geen sprake van laag naar hoog beweging. De discus wordt losgelaten over de wijsvinger.

Voldoende

De worp wordt van laag naar hoog gemaakt, de discus hangt in de vingertoppen en wordt losgelaten over de wijsvinger. 

Goed

De worp wordt van laag naar hoog gemaakt met een gestrekte werparm, de discus hangt in de vingertoppen en wordt losgelaten over de wijsvinger.

Uitstekend

De werparm is gestrekt, de discus hangt in de vingertoppen, de rug van de hand is gericht naar de lucht, de discus wordt losgelaten over de wijsvinger.