Lichamelijke opvoeding (LO)

 

  Level 1
Level 2
Level 3
Level 4
Zwaaien

Je komt zelfstandig tot zwaaien. De zwaai blijft laag, is onrustig en nog niet ritmisch en stabiel. 

Je komt zelfstandig tot zwaaien. De zwaai blijft laag en je maakt eigenlijk alleen een zwaaiactie in de voorzwaai.

Je komt zelfstandig tot zwaaien.  Je maakt een zwaaiactie in de voor- en de achterzwaai. De voor- en de achterzwaai duren even lang en zijn van gelijke hoogte.

Je komt zelfstandig tot zwaaien.  Je maakt een zwaaiactie in de voor- en de achterzwaai. De voor en de achterzwaai duren even lang en zijn van gelijke hoogte. De zwaai is ritmisch en in balans.

Afzetten

De afzet is nog onregelmatig en vaak niet onder het ophangpunt.

De afzet is steeds rondom het ophangpunt.

De afzet is steeds onder het ophangpunt en ondersteunt zowel naar voor als naar achter de zwaai.

De afzet is altijd "spot on" en raak. Is naar beide kanten krachtig maar vloeiend.. 

Zwaaivermeerdering

Er treedt eigenlijk geen zwaaivermeerdering op.

Na wat langer zwaaien is er sprake van zwaaivermeerdering. Met name in de voorzwaai.

Er is in elke zwaai sprake van behoorlijke zwaaivermeerdering. Zowel in de voor- als achterzwaai.

Er is steeds in elke zwaai sprake van veel zwaaivermeerdering. Na korte tijd is jouw zwaai erg hoog. 

Lichaamshouding

Er zijn steeds scherpe hoeken te zien in benen, heup en schouders.

De benen zijn steeds lang en de heup- en schouderhoek is beperkt.

De benen en voeten zijn altijd lang en strak, de heup- en schouderhoek is bijna niet waarneembaar.

Als niveau 3 + er is duidelijk een "dubbele pendel" te zien in de zwaai. (vraag je docent wat dat is) 

Extra: zwaaien en draaien

Het lukt om in de zwaai een (of meerdere) halve draai(en) te maken maar die halve draai is niet op tijd begonnen of/en niet op tijd klaar. De draaibewegingen werken verstorend op de zwaai, de afzet en de lichaamshouding.

Het lukt om in de zwaai een (of meerdere) halve draai(en) te maken, de draai(en) zijn steeds op het  "dode punt" (DP) klaar, waardoor je lekker door kunt zwaaien.

Het lukt om de serie: 1/2e draai in, 1/2e draai erbij, 1/1 draai terug te doen, steeds op het juiste moment zodat je goed door kunt zwaaien. (Zelfs ook na de 1/1e draai) 

Het lukt om de serie van niveau 3 te doen, waarbij je zelfs met meer zwaai eindigt dan je was begonnen.


Deze rubric is ontwikkeld op basis van de rubric Terra Meppel: Turnen - Strekhangzwaai

Log in om deze rubric te printen
of binnen jouw account aan te passen.