Lichamelijke opvoeding (LO)

Gooien en vangen 

  Level 1
Level 2
Level 3
Level 4
Level 5
Gooien

Ik kan de bal gooien richting mijn medespeler.

Ik gooi de bal minimaal 2 van de 5 keer in de handschoen van mijn medespeler.

Ik gooi de bal minimaal 3 of 4 van de 5 keer bal in de handschoen van mijn medespeler. 

Ik gooi elke keer een strakke bal in de handschoen van mijn medespeler. 

Ik gooi een strakke bal in de handschoen van mijn medespeler. Dit kan ik op 10 meter en op 15 meter. 

Vangen

Ik kan maximaal 1 van de 5 keer een aangegooide bal vangen over een afstand van 10 meter. 

Ik kan minimaal 2 van de 5 keer een goed aangegooide bal vangen over een afstand van 10 meter. 

Ik kan minimaal 3 of 4 van de 5 keer een goed aangegooide bal vangen over een afstand van 10 meter. 

Ik kan minimaal 4 van de 5 keer een goed aangegooide bal vangen over een afstand van 10 meter, waarbij het lichaam zich achter de bal bevindt.

Ik kan ook moeilijk aangegooide ballen vangen, waarbij het lichaam zich achter de bal bevindt.

Log in om deze rubric te printen
of binnen jouw account aan te passen.