Lichamelijke opvoeding (LO)

Parkourrol en zweefrol 

  Level 1
Level 2
Level 3
Level 4
Level 5
Parkourrol

Van onderstaande punten beheers ik er 1 of minder:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je stapt duidelijk uit met je linkerbeen wanneer je over je linkerschouder rolt en met je rechterbeen wanneer je over je rechterschouder rolt.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin op de borst waarbij je duidelijk opzij kijkt (links of rechts).
  • Tijdens de parkourrol rol je duidelijk met je schouder over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 2:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je stapt duidelijk uit met je linkerbeen wanneer je over je linkerschouder rolt en met je rechterbeen wanneer je over je rechterschouder rolt.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin op de borst waarbij je duidelijk opzij kijkt (links of rechts).
  • Tijdens de parkourrol rol je duidelijk met je schouder over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 3:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je stapt duidelijk uit met je linkerbeen wanneer je over je linkerschouder rolt en met je rechterbeen wanneer je over je rechterschouder rolt.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin op de borst waarbij je duidelijk opzij kijkt (links of rechts).
  • Tijdens de parkourrol rol je duidelijk met je schouder over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 4:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je stapt duidelijk uit met je linkerbeen wanneer je over je linkerschouder rolt en met je rechterbeen wanneer je over je rechterschouder rolt.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin op de borst waarbij je duidelijk opzij kijkt (links of rechts).
  • Tijdens de parkourrol rol je duidelijk met je schouder over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Onderstaande punten beheers ik allemaal:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je stapt duidelijk uit met je linkerbeen wanneer je over je linkerschouder rolt en met je rechterbeen wanneer je over je rechterschouder rolt.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin op de borst waarbij je duidelijk opzij kijkt (links of rechts).
  • Tijdens de parkourrol rol je duidelijk met je schouder over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.
Zweefrol

Van onderstaande punten beheers ik er 1 of minder:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen. 
  • Je maakt een duidelijke sprong waarbij je afzet met een of twee benen.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin midden op de borst.
  • Tijdens de zweefrol rol je duidelijk met een bolle rug over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 2:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen. 
  • Je maakt een duidelijke sprong waarbij je afzet met een of twee benen.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin midden op de borst.
  • Tijdens de zweefrol rol je duidelijk met een bolle rug over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 3:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen.
  • Je maakt een duidelijke sprong waarbij je afzet met een of twee benen.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin midden op de borst.
  • Tijdens de zweefrol rol je duidelijk met een bolle rug over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Van onderstaande punten beheers ik er 4:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen. 
  • Je maakt een duidelijke sprong waarbij je afzet met een of twee benen.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin midden op de borst.
  • Tijdens de zweefrol rol je duidelijk met een bolle rug over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Onderstaande punten beheers ik allemaal:

  • Handen worden schuin voor je (links of rechts) op de grond geplaatst waarbij duimen en wijsvingers een "driehoek" vormen. 
  • Je maakt een duidelijke sprong waarbij je afzet met een of twee benen.
  • Tijdens de rol houd je jouw kin midden op de borst.
  • Tijdens de zweefrol rol je duidelijk met een bolle rug over het oppervlak.
  • De beweging eindig je met je voeten op de grond waardoor je in staat bent om direct door te rennen.

Log in om deze rubric te printen
of binnen jouw account aan te passen.